Aanstaande zondag is het Ajax – Feyenoord, wederom een Klassieker zonder uitsupporters. Of ik met weemoed terugdenk aan mijn eerste Klassieker op vreemde bodem valt te betwijfelen.

Als de begintune van Studio Sport is afgelopen, verschijnt niet de verwaaide coupe van Tom Egbers in beeld, maar een plechtig sprekende politiewoordvoerder Klaas Wilting. Op dat moment zitten mijn twee buurjongens en ik nog in de trein die ons van Amsterdam naar Rotterdam brengt. Aan de overkant van de sloot laat een lid van de Mobiele Eenheid zijn hond los. Het beest bijt de eerste de beste Amsterdammer die hij tegenkomt in zijn been. Hoongelach van onze kant wordt zijn deel, al is dat nog wel het minste waar hij zich op dat moment druk over maakt. Het baasje van de hond slaat met zijn knuppel op de supporter in. Van beide kanten van de sloot vliegen de verwensingen over en weer. En af en toe een steen. Het is het einde van een dag vol geweld, mijn eerste Klassieker op vreemde bodem.

obs-kootNog voordat we station Delft passeerden, waren alle lampen in de trein gesloopt door de doorgaans vrolijke groep uit Pijnacker. Op weg naar onze aartsrivaal veranderden zij van Dr. Jekyll in Mr. Hyde. Vlak na station Holland Spoor sneuvelde er een raam. Vanaf een woonwagenkamp langs het spoor werd er op de trein geschoten met een luchtbuks. Dat kon er ook nog wel bij. Dit was iets andere koek dan Sparta-uit, mijn eerste ervaring met een uitwedstrijd, nog geen half jaar daarvoor. Ik ben geen kenner van het Nederlandse spoor, maar of het slim was de supporterstrein over Amsterdam CS te laten rijden, waagde ik toen al te betwijfelen. De ramen van de treinen werden opengeschoven en alles wat los kon in de trein en alles dat al los zat, vloog naar buiten. Een minuut lang herrie en rommel, de toeristen op het perron in totale verbijstering achterlatend.

Op station Diemen moesten we uit de trein en liepen we in een lange slinger door weilanden richting Stadion De Meer. Links en rechts van de groep liep de ME. Bij stadion De Meer aangekomen, moesten we tussen en onder twee briesende en snuivende paarden door het stadion in. Veel blauw en een kakofonie van geluid, blaffende honden en schreeuwende mensen. En het geluid van zwaar vuurwerk.

Tijdens de wedstrijd kwam Ajax op voorsprong door een goal van Jan Wouters. Vlak na die goal was een enorme knal te horen. Er bleek een bom gegooid te zijn vanuit het Feyenoord-vak. Door alle hekken en consternatie zag ik nauwelijks hoe Feyenoord vlak voor rust gelijk maakte. Wlodi Smolarek scoorde uit het niets de 1-1 en na het gejuich volgde er weer een knal. Weer een bom. Een deel van ons vak werd leeggeruimd om de dader op te sporen, maar stroomde even later weer vol. Voor mijn gevoel duurde het een eeuwigheid voordat we, drie stomverbaasde tieners, na afloop van de wedstrijd weer in de supporterstrein naar Rotterdam zaten.

Tijdens Studio Sport vertelt Klaas Wilting aan een al evenzo serieus kijkende Mart Smeets dat er die dag veertien gewonden zijn gevallen. Eind jaren tachtig, als stadions het domein zijn van opgeschoten jeugd, lijkt niemand ervan op te kijken. Dat mijn ouders mij, zolang ik in hun huis woonde, niet verboden hebben nog naar uitwedstrijden te gaan, was een wonder op zich.

Tweet about this on TwitterShare on FacebookShare on LinkedInShare on Google+Pin on PinterestEmail this to someone

Tags

 
 

HOME   •   OVER   •   BIO'S   •   CONTACT

Laatste bijdragen

Archief

 
микрозаймы онлайн займы в барнауле до зарплаты микрозаймы в ставрополе срочно займ на карту